Feestje op de zondagmiddag

We hadden een plan. Geen idee meer wat de precieze aanleiding was, of wanneer het was, maar: er moest iets van een concert komen. Een bedankje voor trouwe donateurs van ons enthousiast, maar piepklein koor. En als we dan toch bezig waren, dan konden er ook anderen komen. Hoe meer zielen, hoe meer…enfin.

Maanden later herinnerden we elkaar aan ons idee. Oh ja, het donateursconcert. Iets met liedjes, en dan moest er een poster en een advertentie. En een actie met pepernoten. Of banketstaven. Of allebei. Presenteren we nog hapjes in de pauze? Geen koffie of thee?

Ik begin er langzamerhand aan te wennen, aan de manier waarop Gospelgroep Marturia haar activiteiten organiseert. Heel veel ideeën zijn er, er is minstens net zo veel enthousiasme, maar de precieze uitwerking volgt nog net niet ná de activiteit zelf. Soms spiek ik voorzichtig richting dirigent: krijgt ze nu nog steeds geen punthoofd van ons?

Maar. We stonden er vanmiddag. Met zijn allen, of bijna toch. Alle posters opgehangen, de advertentie in het dorpskrantje, alle hapjes gemaakt en de liedjes…hoe zat het met de liedjes? Er moest ergens nog een liedje bij, en uit de lijst met keuzeliedjes mochten er nog twee verdwijnen. Hoeveel kostten de drankjes ook weer? Ergens was nog een koorlid intekenlijsten voor de banketstaven aan het printen.

De zenuwen hingen achter de stembanden. Het uur van de waarheid wel erg dichtbij. Hoeveel mensen zouden er komen? Tien? Twintig? Geen? De deur ging open. De eerste bezoekers zochten hun plek. Er kwamen meer luisteraars, en nog meer, en hoewel de kerk niet vol zat, werd het toch een fijne, gezellige boel.

We hielden onze praatjes. We declameerden stukken van een prachtig gedicht. We zongen, als koor, maar ook samen met het enthousiaste publiek. We lieten horen aan welk lied we op dit moment werkten en ja, dát was dan ook duidelijk te horen, hoe mooi het ook over een paar weken hopelijk zal zijn.

Het werd een fijn en informeel kijkje in de keuken van ons kleine koor. ‘Een vriendengroep’, zei de dirigent, nadat ze zelf, als slot, het verzoeknummer ‘You’ve got a friend’ aanvroeg. Af en toe, zoals dat bij vrienden gaat, dan is er wel eens wat, zo vertelde ze het publiek, maar dan wordt dat stevig uitgesproken, en zoals dat bij goede vrienden gaat, gaan we daarna weer verder.

En ik keek naar die vrienden, en ik bedacht dat ik het inmiddels blijkbaar vanzelfsprekend vond, terwijl het dat toch absoluut niet is. Dit zooitje ongeregeld, dat er simpelweg IS als er iets moet gebeuren. Dat het toch elke keer weer flikt. Dat elkaar waardeert, en op hun eigen, unieke manier van elkaar houdt.

En dat je als aangetrouwd lid van die vriendschap ook mag genieten, mocht ook de man ervaren, die op zijn Marturia’s, terecht, stevig toegesproken werd toen hij ook nog even kwam kijken. Precies op het moment dat de afwas gedaan werd en het gros van de mensen weer huiswaarts ging.

...en we gingen toch nog in een rechte lijn naar huis...

…en we gingen toch nog in een rechte lijn naar huis…

Leave a Reply

Your email address will not be published.