Inburgeren met Harm en Roelof

Ergens in de beginjaren 2000 woonde ik in Overijssel, maar werkte ik bij twee Drentse welzijnsinstellingen. Bij beide instellingen hing een bordje op de deur: Hier kuj drents prAOt’n. Leuk, maar dat moesten de bezoekers maar niet tegen mij doen. ‘Even snel een praatje met een voorbijganger’ liep veelal uit op misverstanden en eindeloze herhalingen. Meestal verschool ik dus maar me in mijn werkkamertje en tikte in stilte mijn verslagen.

Het Drents, dat ‘werd ‘m niet’, ook al ging ik weer een poosje later op een school in Emmen werken. Toch echt een Drents plekkie, zou je zeggen. Toch praatten maar weinig leerlingen echt plat. We bakkeleiden wel regelmatig over het verschil tussen ‘nodig zijn’ en ‘nodig hebben’, maar verder konden we elkaar prima verstaan.

Toen verhuisde ik naar Aalden. Ook hier viel het ‘plat proaten’ erg mee. Of leerde ik het eindelijk verstaan? Ik merkte dat ik niet iedere keer als iemand iets zei om herhaling vroeg. Ik wist wat ik kreeg als iemand me een plakje stoet aanbood. Die collega die soms flink ‘roppig in de pokkel’ was, die liet ik met rust tot ze zich weer gedragen kon.

En toch vroeg ik me af wat ik me in het hoofd haalde om op een mooie voorjaarsavond met wat vrienden naar Harm en Roelof te gaan. Harm en Roelof, dat waren toch die cabaretiers ‘Uut Slien’ die je pas na een stevige cursus Drents kunt verstaan? Zou het me niet al na een half uur gaan duizelen? De vrienden met wie ik ging, zouden de show wel ondertitelen, werd beloofd, en dat stelde me dan wel weer gerust.

Dus ik ging. En ik ging zitten. En ik luisterde. En af en toe werd er ondertiteld, terwijl ik dacht: sssjt, ik ben aan ‘t luust’ren. Ook als Harm en Roelof meenden een woord te moeten vertalen (‘Schoft is schaft, mensen’), was dat nooit echt nodig. Ik leerde over een cursus om dominee te worden (bij de NTI) en een Joods monumentje en vreemdelingen in het dorp. Ze zongen over de mooiste meid van Sleen (Slien) en over het dorp van Harm en Roelof (‘Mien darp´) Ik heb genoten en besloot dat dit dan de definitieve inburgeringstest moest zijn voor een import-Drent. Of zou er werkelijk nog iets bestaan dat nóg Drentser kan? Wie het weet, mag het zeggen. Ik kom het graag eens uitproberen.